De verandering

 

 

CONTACT

HOME

ARTIKELEN

 

Esoterie

Filosofie

Spiritualiteit

 

 


Artikelen

 


 

Stap voor stap op het Geestelijk Pad

 

 

Er komt een moment op het pad (en deze momenten blijven komen) waarop er een fase is beëindigd en er een nieuwe fase kan aanbreken. Dit is alleen mogelijk als je de bereidheid hebt en blijft houden, om je te realiseren dat de Weg oneindig is en een bepaalde waarheid die gold op een bepaald deel van het Pad losgelaten moet worden om verder te kunnen gaan om nieuwe waarheden te kunnen gaan ontdekken.
Het aspect van kunnen loslaten en vooral om nieuwsgierig te blijven is dus een continue noodzaak voor geestelijke groei.

De eerste stap op het geestelijke Pad komt meestal naar voren als gevolg en als resultaat van “the way of the hard knocks” en is dus een besef dat hetgeen je op een bepaald moment in je eigen leven ervaart voor jou genoeg is, dat je de ellende die je ervaart kwijt wilt en dat je je beseft dat het zo niet langer kan en dat er dus iets moet gaan gebeuren. Ellende bij jezelf en ellende die je ziet bij anderen, kunnen een moment van ontwaken veroorzaken en kunnen je met de neus op de feiten drukken dat “het zo niet langer meer kan doorgaan” en “dat er dus iets in jouw leven moet gaan veranderen”.

De fase van nieuwsgierigheid naar een andere manier van leven gaat beginnen en de behoefte om “meer te weten” overvalt je. Het gevolg is de jacht op kennis en de behoefte om meer wijsheid te verkrijgen.

Het resultaat is lezen, zoeken, lezen, zoeken, lezen, zoeken etc., etc. Dit proces kan jaren en jaren duren.
Uit de chaos op het beslismoment van “genoeg is genoeg” ontstaat er dus een behoefte om
ORDE te gaan scheppen in de chaos.

Deze behoefte in het scheppen van ORDE in de chaos wordt ondersteund door een intense WIL om deze ORDE te gaan creëren.

Uit de samenbundeling van de behoeften in het scheppen van ORDE en de steeds sterker wordende WIL om dit te gaan realiseren, ontstaat de mogelijkheid om WIJSHEID te gaan ontwikkelen en te gaan verkrijgen. 

Naarmate de WIJSHEID toeneemt, ontstaat het besef van de ERNST van het bewandelen van de WEG, de ERNST van het bewandelen van het PAD, de ernst van het volgen van de TAO.

Als de ERNST groeit, ontstaat langzamerhand ook de behoefte om niet alleen WIJSHEID te verkrijgen maar om daar ook naar te gaan leven. Je gaat je steeds meer realiseren dat de invloed op deze wereld niet alleen maar wordt veroorzaakt door het verkrijgen van WIJSHEID maar juist door het LEVEN conform deze WIJSHEID. Je merkt steeds meer dat er iets aanwezig is in jezelf wat je verhindert om deze manier van leven te gaan volgen. Sterker nog, dat wat in je zit (het EGO) probeert je misschien wel te weerhouden van het gaan leven conform de WEG, conform het PAD of conform de TAO. Deze confrontatie kan leiden tot een nieuwe vorm van onrust of een vorm van ongeduldig zijn.

Om jezelf te veranderen, om je ego onder controle te krijgen of om je ego onder de duim te krijgen, waardoor het een langzame dood kan sterven, moet je je de kunst van GEDULD gaan eigen maken. GEDULD is nodig om jezelf (je ego) te kunnen gaan beheersen en onder controle te kunnen gaan krijgen, als je je dat volledig hebt eigen gemaakt, kun je jouw ego loslaten. Je moet dus gaan leren in geduld je hoofd te kunnen buigen voor omstandigheden en situaties in je leven, om te leren om je over te geven aan een sturing die diep van binnen uit je zelf komt en om de dingen die je storen en irriteren te kunnen gaan loslaten.

Naarmate je GEDULD meer onder controle krijgt, ga je je steeds meer beseffen dat het ego werkt volgens de wetten van “aantrekking en afstoting”.

“Ik wil wel (aantrekking), ik wil niet (afstoting)”.
“Ik accepteer wel (aantrekking), ik accepteer niet (afstoting)”.
“Ik heb lief (aantrekking), ik haat (afstoting)”.
“Dat is goed (aantrekking), dat is slecht (afstoting)”.
“Jij deugt (aantrekking), jij deugt niet (afstoting)”.
“Jij moet beloond worden (aantrekking), jij moet gestraft worden (afstoting)”.

Het ego werkt dus in uitersten, dus in polariteit of in dualiteit.

Het werkt als een pendule waarbij de slinger constant uitslaat van het ene uiterste naar het andere uiterste en de ene uitslag (het ene uiterste) ook per definitie een andere uitslag (het andere uiterste) oproept en zelfs afdwingt.

 

De pendule met uitslagen van de dualiteit of de polariteit

 

 

Als het GEDULD zich begint te ontwikkelen en daardoor het ego minder heftig gaat reageren, zal de pendule ook steeds minder fel, minder snel en minder heftig gaan uitslaan. De slingerwerking zal gaan afnemen en uiteindelijk zal de slinger stil in het MIDDEN hangen. Dan bewandelt die persoon de WEG VAN HET MIDDEN en zijn de meningen, die de waarheden creëren, verdwenen. Alle “IK VINDJES” zijn dan losgelaten en blijft er slechts rust, stilte en harmonie over.

Op dat moment is de chaos voor een heel groot deel verdwenen.

Als het GEDULD toeneemt, als de werking van de slinger raakt uitgewerkt, als het ego onder controle komt, zal het werkelijk besef van het leven intens gaan groeien, het besef van eenheid zal intens gaan groeien en daardoor zal het besef van LIEFDE intens gaan groeien. LIEFDE als ONVOORWAARDELIJKE LIEFDE.

Naarmate het besef en de ervaring van LIEFDE zal groeien zal de betreffende persoon, de betreffende ziel, uitsluitend een toonbeeld van BARMHARTIGHEID zijn en is de basis voor ascentie gelegd.

Al deze eigenschappen zal iedereen zich dus moeten eigen maken om het ego af te kunnen leggen, om afscheid te kunnen nemen van deze wereld en om zijn of haar weg in de geestelijke werelden te kunnen vervolgen op het PAD, dat dus geen einde kent.

Al deze eigenschappen zijn vertegenwoordigd in de chakra’s en deze centra (chakra’s) moeten wij dus allemaal stuk voor stuk ontwikkelen en tot bloei brengen.

Chakra’s als centra van:

 

 

(De bron voor het benoemen van deze centra zijn de lessen in Liefde via het Pad naar Eenheid)

 

Zo klimt de energie op van chakra naar chakra, van beneden naar boven, naarmate het bewustzijn stijgt. De eerste vier centra (ORDE, WIL, WIJSHEID en ERNST) hebben nog te maken met een werking van het hoofd, met het nemen van besluiten met behulp van het verstand. Het centrum van ERNST bevindt zich in het hart en heeft dus al invloed op het gevoel. Het centrum van GEDULD dwingt ons om ons zelf onder controle te krijgen en om macht te gaan krijgen over het ego. “Niet meer meteen reageren als prikkel van een aanval op het ego”. Deze strijd met het ego speelt zich af op zowel het vlak van het verstand als van het gevoel. Dit is de eerste grote stap in het besef dat  de WEG meer inhoudt dan alleen het verkrijgen van wijsheid maar dat we ook daadwerkelijk aan onszelf moeten gaan werken om te kunnen veranderen. “Krijg controle over je zelf, over jouw ego en zoek de balk in je eigen ogen in plaats van het zoeken van de splinter in de ogen van anderen”.

Dat het centrum van GEDULD in de keel en dus bij “de spraakorganen” is gevestigd, is ook niet verwonderlijk. Hoeveel controle, dus hoeveel geduld, kun je opbrengen bij een vermeende aanval op je ego. Reageer je meteen door je stem te gebruiken als een zwaard of kun je zwijgen en je beheersing van geduld uiten en aanwenden.

Kun je geduld opbrengen en luisteren naar anderen, waarbij het accent wordt verschoven naar een ander en niet naar jezelf.

Naarmate het gevoel groeit en wij zijn begonnen met het inslaan van de WEG NAAR BINNEN, zal het besef van LIEFDE, van ONVOORWAARDELIJKE liefde, groeien en zullen wij stap voor stap het volledige niveau van BARMHARTIGHEID kunnen gaan bereiken.

Naarmate ons gevoel gaat toenemen (in het centrum van het hart en dus in het centrum van de ERNST), zullen wij gaan beginnen om de weg naar binnen te gaan zoeken en om de stilte van binnen te gaan ervaren. Op die plek (dus van binnen) zullen we de verdere weg vinden om de centra van GEDULD, LIEFDE en BARMHARTIGHEID te ontwikkelen en tot bloei te brengen.

De centra van ORDE, WIL en WIJSHEID zijn de centra die nog steeds een “rust”, een “stilstand” of beter gezegd, een “niet bewegen” vertegenwoordigen. Bij de ontwikkeling van deze centra is er nog “geen beweging”.

“De beweging” ontstaat op het niveau van het centrum van de ERNST en neemt toe als we de centra van GEDULD, LIEFDE en BARMHARTIGHEID gaan ontwikkelen.

Wat bedoel ik hiermee?

Wat is de kernvraag van het Leven?
Wat is het doel van het Leven?
Waar streeft iedereen naar?
Het antwoord is: “GELUK”. Het vinden van GELUK in een permanent durende situatie.

Iedereen streeft naar geluk. Geluk die zich uit in RUST, VREDEen LIEFDE.
Werkelijk GELUK ervaren, is geluk ervaren, ondanks wat er allemaal om mij heen gebeurt. Dus onafhankelijk van externe factoren.

Hoe verkrijg ik dit werkelijke, onvoorwaardelijke GELUK en dus een ervaring van onvoorwaardelijke RUST, van onvoorwaardelijke VREDE en van onvoorwaardelijke LIEFDE?

De enige manier om echt, diep van binnen, onvoorwaardelijk gelukkig te worden, te zijn en te blijven en een onvoorwaardelijk gevoel van Liefde, Vrede en Rust te ervaren, is door het Geestelijk Pad te bewandelen, door het volgen van de Tao.

Ik zal dus een situatie moeten gaan creëren, waarin ik verander van iemand die last heeft van onzekerheden, chaos, lijden en angsten (waar we allemaal, niemand uitgezonderd last van hebben), naar iemand die onvoorwaardelijk leeft in een oneindig gevoel van rust, vrede en liefde, dus in een onvoorwaardelijke vorm van Geluk, ondanks alle externe factoren en ondanks alle externe omstandigheden.

Hoe komt die verandering tot stand?

Voor verandering is kennis of WIJSHEID nodig. Deze verkrijg ik door de centra van ORDE, WIL en WIJSHEID te ontwikkelen. Deze centra zijn de eerste centra in het begin van het geestelijk Pad, De behoefte om mijn leven te veranderen, om de chaos te verlaten en het gevoel diep van binnen, dat een dergelijke chaos toch eigenlijk nooit de bedoeling kan zijn en dat het leven ook anders zou kunnen moeten zijn, drijven mij voort op een zoektocht en ik wil op dit stuk van het Pad alles lezen wat ik tegenkom, alles weten wat er te weten valt. Ik verzamel zoveel mogelijk kennis als ik kan. Ik zuig mij vol als een spons. Totdat ik het derde centra ga ontwikkelen en wijsheid ga verkrijgen.

Tot dat moment verandert er echter nog niet iets wezenlijks in mij, omdat met alleen wijsheid mijn leven niet verandert. Dit is heel essentieel. Dit komt omdat er nog niet echt activiteit is in mijn leven, er is nog geen beweging. Pas als ik “in beweging kom”, als er “wezenlijke activiteit komt”, zal ik in staat zijn om te veranderen.

Waar bestaat deze activiteit, deze beweging, uit?

Deze activiteit bestaat uit het nemen van beslissingen en om deze beslissingen ook daadwerkelijk te gaan uitvoeren, Bij het daadwerkelijk gaan uitvoeren van deze beslissingen is een uiterste vorm van 'VOLHARDENDHEID' nodig, dus weten wat je wilt, dit gaan doen en dit vooral blijven doen, blijven volhouden en blijven volharden.

Pas dan zal er iets gaan veranderen. Ik moet dus iets gaan doen of misschien zelfs juist niet doen en datgene wat ik moet gaan doen, gaat (zeker in het begin) niet vanzelf. Pas als ik iets ga doen, wat ik daarvoor niet deed, zal er iets gaan veranderen. Ik moet dus bereid zijn om “dingen in mijn leven anders te gaan doen of om andere dingen te gaan doen” om een verandering in mijn leven te bewerkstelligen.

Mijn leven zal nooit veranderen als ik altijd de dingen op een zelfde manier of altijd dezelfde dingen blijf doen. De verandering komt na “de beweging” van het verschuiven naar “het gaan doen van andere dingen”.
Er moet actie zijn, er moet beweging zijn om veranderingen tot stand te laten komen.

Een voorbeeld kan dit verduidelijken:

Ik moet met mijn auto van A naar B. Ik moet daarvoor eerst een heel stuk rechtdoor en dan moet ik ergens op die weg rechtsaf. Dan kom ik vanzelf in B. Met mijn kennis, kennis van het autorijden, kennis van de route via navigatieapparatuur, kennis van wegenkaarten en borden langs de weg, weet ik hoe ik in B moet komen. Ik kom pas in B als ik het besluit neem om in mijn auto te gaan zitten en dat ook werkelijk doe, om de sleutel in het stopcontact te steken en om te draaien, om handelingen te verrichten waardoor de versnelling juist wordt ingeschakeld, om gas te geven en indien nodig te remmen en om op het juiste moment aan het stuur te draaien en de afslag te nemen die ik moet nemen.
Al die handelingen, samen met de kennis die ik heb, zullen mij van A naar B brengen.

Met alleen kennis kom ik er dus niet.
Met alleen het verrichten van handelingen (zonder kennis) kom ik er dus ook niet.
Ik zal dus beiden moeten combineren om mij op de weg te kunnen voortbewegen.

Dit geldt exact zo, om in staat te zijn om je op het geestelijk Pad te kunnen voortbewegen.

Kennis is nodig en die wordt verkregen door de eerste drie centra (ORDE, WIL en WIJSHEID) te gaan ontwikkelen.

Het maken van bewuste keuzes en het uitvoeren van acties (de strijd met het ego aangaan), worden voornamelijk uitgevoerd met behulp van de kennis die ik heb verkregen, bij het ontwikkelen van de laatste 4 centra (ERNST, GEDULD, LIEFDE en BARMHARTIGHEID), waarbij het centrum van ERNST een overgangscentrum is van het besef dat je er alleen met kennis niet komt en dus ook iets moet gaan veranderen in jezelf. Je moet gaan zoeken naar de bomen in je eigen ogen en je moet je gaan realiseren dat jouw leven zal veranderen, dat jij alleen het geluk, de liefde, de vrede en de rust zult gaan verkrijgen als je bereid bent iets in jezelf en iets bij jezelf te gaan veranderen.  

Vaak ligt hier het probleem bij mensen die de geestelijke Weg bewandelen, die proberen de Tao te volgen.

Velen denken dat ze met behulp van de kennis die ze hebben, in staat zijn om hun leven te veranderen. Kennis alleen is dus absoluut onvoldoende om veranderingen te laten gebeuren.

Waarom zijn ze dan niet bereid om “tot acties en beweging over te gaan”?

Redenen hiervoor kunnen zijn:

-  Angst om het oude los te laten.
Datgene wat je deed moet je niet meer gaan doen, want dat heeft juist gebleken niet te werken.

-  Angst voor het nieuwe.
Als ik andere dingen ga doen, als ik anders ga reageren, als ik dus zichtbaar anders ga handelen, zullen anderen gaan reageren en mij daar op aanspreken. Ze zullen het mij kwalijk gaan nemen dat ik blijkbaar “niet meer de oude ben” en dat ze misschien niet meer “op mij kunnen vertrouwen omdat ik blijkbaar anders reageer”. Ze zullen mij daar op aanspreken, ze zullen mij tot de orde roepen, veroordelen en straffen.
En inderdaad, de kans is heel groot dat dit zal gebeuren!
(Lees ook mijn boekje “
Een wonderbaarlijke reis").

-  Ik zal niet gaan handelen, omdat ik de slachtofferrol blijf spelen.
Ik heb last van zelfmedelijden en dat verlamt mij.
Ik ben zielig en heb daarom niet de kracht om te kunnen veranderen.
 

Het wandelen op het geestelijk Pad vereist dus de volgende eigenschappen:

-  Genoeg hebben van de situatie zoals die was en de kracht hebben om de keus te maken dat “genoeg dus genoeg is”.

-  De nieuwsgierigheid hebben om te gaan zoeken naar andere wegen en nieuwe kennis.

-  De moed hebben om de keus te durven maken dat je de verandering bij jezelf en in jezelf moet gaan zoeken.

-  De wetenschap hebben dat jouw leven er niet beter op wordt als anderen zich gaan veranderen, zodat jij weer gelukkig zult zijn.
(Lees mijn boekje “
Een wonderbaarlijke reis").

-  De moed hebben om de keus te maken dat je anders moet gaan handelen en anders “moet gaan bewegen” om veranderingen in jouw leven tot stand te brengen.

-  De kracht hebben om het doel voor ogen te houden en je niet door allerlei afwijkende en verwarrende informatie van de wijs te laten brengen.

-  De moed en de kracht hebben om meningen van anderen over jou, vaak negatieve meningen en reacties (vooroordeel, oordeel, veroordeel en straffen) het hoofd te kunnen bieden en naast je neer te kunnen leggen en de gevolgen (wat ze ook zijn) te accepteren.

-  De kracht hebben om constant in staat te kunnen zijn om waarheden die een tijdje als anker gediend hebben, keer op keer, bij een verder komen op het geestelijk Pad, te kunnen loslaten en de bereidheid hebben om keer op keer open te kunnen staan voor nieuwe waarheden en deze weer tijdelijk als anker te gebruiken om een volgend traject op het Pad te kunnen overbruggen.

-  De kracht hebben om steeds meer in staat te kunnen zijn om alle externe factoren naast je neer te kunnen leggen en om je ook niet te laten uitlokken om mee te gaan lijden met het leed van anderen, die dit leed over zichzelf afroepen door de manier van leven die zij zelf in hun praktijk brengen. Naast het “mee lijden” (wat je dus niet moet doen, omdat je daar zelf de negatieve energie van zult ondervinden), kun je natuurlijk altijd “ mee leven” met het leed en de pijn van een ander. Als ik mee leef met een ander, blijf ik me realiseren dat ik niet de gevolgen van het handelen van een ander op mijn eigen rug stapel. Ik blijf dus “in mijn eigen krachtveld” en blijf daarom “schoon van de negatieve energie van die ander”. Ik blijf daarom sterk en in staat om anderen te kunnen blijven bijstaan en te kunnen blijven helpen.

 

Als we al deze eigenschappen hebben veroverd, nadat we alle centra tot bloei hebben gebracht en al onze oude eigenschappen, onze “ego eigenschappen” hebben afgelegd, pas dan zijn we in staat om al het leven als één te zien en ons hoofd te kunnen buigen voor het belang van anderen, want als wij een ander dienen, dienen wij onszelf, als wij een ander dienen, dienen wij deze wereld, dienen wij dit universum en dienen wij dus het AL.

Dan zijn we in staat om alle anderen te kunnen dienen, onbaatzuchtig en onvoorwaardelijk en pas dan bezitten we de kracht om allen te kunnen dienen, zonder dat we daar zelf aan onder doorgaan of met het lijden van anderen meegaan.

Dan zijn wij een anker, een boei en een zoeklicht voor alle medemensen die de weg kwijt zijn, het niet meer zien zitten en niet meer weten waar ze nog heen moeten.

Dan zal jouw licht gezien worden door alle zoekenden en wanhopigen en zij zullen zich tot je richten en als ze willen en de kracht kunnen opbrengen, zul je al deze mensen kunnen helpen en op het Pad kunnen zetten, wat ze dan steeds meer en meer op eigen kracht kunnen gaan volgen en ook voor hen zal dan gelden dat ook zij  uiteindelijk in staat zullen zijn om het Thuisland te kunnen bereiken en voor goed los te komen van de aantrekkingskracht van moeder Arde.

 

Dan zijn we als de arenden, zelf in staat om op de kracht van onze eigen vleugels te kunnen opstijgen en om deze wereld en het daarbij horende collectieve bewustzijn te kunnen ontstijgen en werkelijke, onvoorwaardelijke rust, vrede, geluk en vreugde te kunnen beleven en te kunnen ervaren.

 

 

 

                                                                 

Naar boven