Een wonderbaarlijke reis

 

 

Esoterie

Filosofie

Spiritualiteit

 

 

 

 

 

 

 

13

 

 

 

 

Helena opende haar ogen en keek mij aan, ze glimlachte en zei nog slaperig: “Richard we hebben een nieuwe wekker, wil jij misschien even kijken wat er aan de hand is?” Met tegenzin ging ik het bed uit. Het was half zeven en voor mij nu te vroeg. Sam blafte nog steeds. “Kom je weer terug in bed?”, vroeg Helena. Ik mompelde slaperig dat ik dat zeker zou doen. Toen ik beneden kwam, stond Sam voor de deur te blaffen, hij moest naar buiten. Ik opende de keukendeur en liet hem naar buiten. Sam verdween tussen de bomen en ik vulde zijn etensbak en zijn waterbak en liet de keukendeur open. Ik ging weer naar boven naar de slaapkamer en kroop weer terug in bed. Helena kroop tegen mij aan en doezelde weer verder. Binnen tien minuten sliep zij weer. Voor mij was dat niet mogelijk. Eenmaal wakker, betekent voor mij wakker. Ik bleef nog een kwartier liggen en kreeg toen zin in koffie. Voorzichtig maakte ik mij los uit de omarming van Helena. Zij werd niet wakker en sliep lekker door. Ik sloop de kamer uit en ging naar de keuken. Tien minuten later zat ik op de bank op de veranda aan een grote beker koffie. Het werd opnieuw een mooie dag. De zon was al aardig warm. Sam kwam tussen de bomen vandaan en rende blij op mij af. Voor zover ik uit zijn reactie begreep, herkende hij mij en begroette mij uitbundig. Ik aaide zijn vacht en liet hem de etensbak in de keuken zien. Binnen de kortste keren was de bak leeg. Ik ging terug naar buiten, terug naar mijn beker koffie. Sam volgde mij en ging vlak bij mij liggen. Toen ik mijn beker leeg had, zocht ik mijn plekje tussen de bomen op en deed mijn oefeningen. Toen ik een uur later klaar was met mijn laatste oefening, zat Helena op de bank aan een beker koffie. Ik liep naar haar toe en kuste haar. “Je bent nog niet klaar”, zei ze, “je mag mij helpen want ik zou nu ook graag willen oefenen.” We gingen terug naar mijn plekje tussen de bomen en ik leerde haar de vierde en de vijfde oefening. Vooral de laatste oefening vond Helena erg fijn. Daarna deden we nogmaals alle oefeningen en sloten het af met een kwartier meditatie. Helena genoot er zichtbaar van. Ik heb ooit eens wat tekst gevonden van een oude Chinese wijsgeer, althans dat is wat ze ervan zeggen. Ik zal het voor je opzoeken en het je laten zien. Ik heb hier ergens nog een kopie. Het gaat over de Tao, de Weg. Toen ik het las, jaren geleden, sprak het mij heel erg aan. Het gaat over de rust van het natuurlijke of over de ‘natuur van het natuurlijke’. Hoe alles zijn weg vindt, zonder dwang en zonder drang. Hoe je je eigen weg kan vinden door niets te forceren, niets af te dwingen, eigenlijk door niets te doen en alleen maar door alles te laten. Het past in mijn scheppingstheorie. Het past in het verhaal, dat wij, door alles wat wij vinden, alles wat wij willen, door al onze overtuigingen, de natuur dwingen om werelden te scheppen. Werelden die wij willen ervaren. Werelden die ons onze illusies laten binnengaan. Ik ga het meteen voor je opzoeken.” “Zal ik eerst nog wat inschenken? Dat is goed” zei Helena. Ze ging naar binnen en ik schonk de bekers koffie nog een keer vol. Ze kwam een paar minuten later terug met een paar velletjes papier. “Ik heb ze al gevonden”, zei Helena en ze gaf ze mij en ging naast mij zitten. “Helaas Helena, ik lees geen Fins, je mag ze voor mij vertalen.” Ze kroop met haar beker koffie tegen mij aan op de grote bank en begon mij voor te lezen. De tekst bestond uit een hoop kleine stukjes en luidde als volgt.

 

Lao-tzu sprak: Er is iets, een ongedifferentieerd geheel, dat geboren was voor hemel en aarde. Het heeft slechts abstracte beelden en geen concrete vorm. Het is diep, duister, stil, ongedefinieerd; zijn stem horen we niet. Om er een naam aan te geven, noem ik het de Weg.

 

De Weg is oneindig hoog, onpeilbaar diep. Hemel en aarde omsluitend, van het vormloze ontvangend, brengt hij een stroom voort die diep en breed vloeit zonder buiten zijn oevers te treden. Hij is ondoorzichtig, en gebruikt geleidelijke verheldering door onbeweeglijkheid. Wanneer hij wordt toegepast, is hij oneindig en kent hij geen dag of nacht; maar wanneer hij wordt afgebeeld, vult hij minder dan een hand. Hij is ingetogen maar kan zich ontvouwen; hij is duister maar kan verlichten; hij is buigzaam maar kan vastberaden zijn. Hij absorbeert het negatieve en straalt het positieve uit, en zo openbaart hij het schijnsel van zon, maan en sterren.

 

Bergen zijn er hoog door, oceanen zijn er diep door, dieren rennen er door, vogels vliegen er door. Eenhorens dolen er door, feniksen zweven er door, de sterren trekken er hun banen door. Hij verzekert overleving door middel van vernietiging, verzekert verhevenheid door middel van deemoedigheid, en verzekert vooruitgang door middel van terugtrekking. In de oudheid bereikten de Drie Verhevenen de verenigende orde van de Weg en stonden in het centrum; hun geesten dwaalden rond tijdens de Schepping en zo troostten zij ieder in de vier windstreken.

 

Zo veroorzaakt de Weg de beweging van de hemelen en de stabiliteit van de aarde, eindeloos draaiend als een wiel, onophoudelijk stromend als water. Hij staat aan het begin en einde der dingen: als de wind opsteekt, wolken zich vormen, de donder rolt en de regen valt, antwoordt hij in eindeloze eenstemmigheid.

 

Hij voert het bewerkte en gepolijste terug tot eenvoud. Hij forceert zich hiertoe niet, maar versmelt met leven en dood. Hij forceert zich niet om dit te betuigen, maar verhaalt van deugdzaamheid. Het gaat om een vredig geluk zonder trots, waardoor men harmonie bereikt.

 

Er zijn ontelbaar verschillende wijzen waarop de Weg het leven vergemakkelijkt: hij verzoent duister en licht, regelt de vier seizoenen en stemt de krachten van de natuur op elkaar af. Hij schenkt vocht aan de wereld der planten, doordringt de wereld der mineralen. Het vee wordt sterk, hun huid glanzend; vogeleieren breken niet, dieren sterven niet in de schoot.

 

Ouders lijden niet het verdriet van het verlies van hun kinderen, broers en zusters niet de smart van het verlies van elkaar. Kinderen worden geen wezen, vrouwen worden geen weduwen. Slechte voortekenen aan de hemel worden niet waargenomen, diefstal en berovingen doen zich niet voor. Dit alles is het resultaat van innerlijke deugdzaamheid.

 

De natuurlijke onveranderlijke Weg baart alle wezens, maar bezit hen niet; hij leidt tot ontwikkeling, maar bestuurt deze niet. Alle wezens worden dankzij hem geboren, maar geen van hen weet hoe hem te danken; allen sterven door hem, maar geen van hen kan hem kwalijk nemen. Opslag en vermeerdering verrijken hem niet, uitgaven en plezier verarmen hem niet.

 

Hij is zo ongrijpbaar en ondefinieerbaar dat hij zich niet laat verbeelden; maar hoewel hij ondefinieerbaar en ongrijpbaar is, is zijn werking onbeperkt. Diep en mysterieus reageert hij op de ontwikkelingen zonder vorm; succesvol en doeltreffend handelt hij nooit tevergeefs. Hij rolt zich op en rolt zich uit met vastberadenheid en buigzaamheid; hij trekt zich samen en zet zich uit met duisternis en licht.

 

Lao-tzu sprak: Eerbare mensen zijn vreedzaam en koesteren geen verlangens; ze zijn kalm en kennen geen zorgen. Ze maken de hemel tot hun overhuiving en de aarde tot hun wagen; ze maken de vier seizoenen tot hun paarden en duister en licht tot hun menners. Ze reizen waar geen wegen zijn, dolen waar geen vermoeidheid bestaat, vertrekken door geen poort.

 

Met de hemel als hun overhuiving is niets onbedekt; met de aarde als hun wagen is niets ongedragen. Met de vier seizoenen als hun paarden blijft niets onbenut; met duister en licht als hun menners blijft niets buiten bereik. Daarom zijn ze vlug zonder te dralen, reizen ze ver zonder vermoeienis. Doordat hun lichaam niet wordt aangesproken, wordt hun verstand niet verzwakt en zien ze de hele wereld helder. Dit is vasthouden aan het wezen van de Weg en de gewaarwording van de grenzeloze aarde.

 

Daarom dienen de zaken van de wereld niet te worden geforceerd, maar volgens hun eigen natuur te worden gestimuleerd. Er kan niets worden gedaan om de veranderingen van ontelbare wezens te helpen behalve het wezenlijke te vatten en daar toe terug te keren. Daarom ontwikkelen de wijzen hun innerlijke basis en tooien zij zich niet uiterlijk met oppervlakkigheden. Ze activeren hun levensgeest en sussen hun geleerde meningen. Daarom zijn ze open en ongekunsteld, en toch is er niets dat zij niet doen; ze kennen geen regels, en toch is er geen ordeloosheid.

 

Ongekunsteld zijn betekent: niet handelen vóór anderen handelen. Geen regels hebben betekent: de natuur niet veranderen. Dat er geen ordeloosheid is betekent dat ze uitgaan van de onderlinge bevestiging van alles wat leeft.

 

Lao-tzu sprak: Zij die zich aan de Weg houden om mensen te leiden gaan akkoord met zaken zoals die zich voordoen en ze handelen in overeenstemming met wat mensen doen. Ze reageren op ontwikkelingen in alle wezens en harmoniëren met veranderingen in alle gebeurtenissen.

 

Aldus is de Weg leeg en onverstoffelijkt, gelijkmatig en gemakkelijk, helder en kalm, buigzaam en inschikkelijk, onversneden en zuiver, duidelijk en eenvoudig. Dit zijn concrete beelden van de Weg.

 

Lege onverstoffelijking is de verblijfplaats van de Weg. Gelijkmatig gemak is het fundament van de Weg. Heldere kalmte is de spiegel van de Weg. Buigzame inschikkelijkheid is de functie van de Weg. Omkering is normaal voor de Weg: buigzaamheid is de vastberadenheid van de Weg, inschikkelijkheid is de kracht van de Weg. Onversneden zuiverheid en duidelijke eenvoud zijn de drager van de Weg. leegte betekent dat er geen innerlijke belasting is. Gelijkmatigheid betekent dat het gemoed ongeremd is. Wanneer je niet belast wordt door aangewende verlangens, is dat de vervulling van leegte. Wanneer je geen voorkeur of afkeer kent, is dat de vervulling van gelijkmatigheid. Wanneer je één met je zelf bent en standvastig, is dat de vervulling van kalmte. Wanneer je geen persoonlijke belangen hebt, is dat de vervulling van zuiverheid. Wanneer je treurt noch behagen schept, is dat de vervulling van deugdzaamheid.

 

De regering van complete mensen laat intellectualisme achter zich en ontdoet zich van opzichtige uiterlijkheden. Vertrouwend op de Weg verwerpt zij geslepenheid. Ze rijst op uit eerlijkheid, in harmonie met het volk. Ze beperkt wat behouden en minimaliseert wat nagestreefd wordt. Ze ontdoet zich van verleidelijke begeerten, elimineert het verlangen naar kostbaarheden en vermindert het overwegen.

 

Beperking van wat behouden wordt leidt tot helderheid; minimalisering van wat nagestreefd wordt leidt tot verworvenheid. Daarom, wanneer het uitwendige door het centrum wordt beheerst, wordt niets genegeerd. Als je het centrum kunt bereiken, dan kun je het uitwendige regeren.

 

Met de verworvenheid van het centrum, zijn de inwendige organen kalm, de gedachten gelijkmatig, de zenuwen en botten sterk, de oren en ogen helder. De Grote Weg is vlak en niet ver van ons vandaan. Zij die het ver weg zoeken gaan en keren daarna terug.

 

Lao-tzu sprak: Wijsheid heeft niets te maken met het heersen over anderen, maar is een zaak van zelfordening. Adel heeft niets te maken met macht en rang, maar is een zaak van zelfverwezenlijking; bereik zelfverwezenlijking en de hele wereld wordt gevonden in het zelf. Geluk heeft niets te maken met rijkdom en status, maar is een zaak van harmonie.

 

Zij die genoeg weten om het zelf als belangrijk te beschouwen en die de wereld onbeduidend vinden, bevinden zich nabij de Weg. Daarom heb ik gezegd: 'Aan het uiterste van de leegte, in volkomen stilte, terwijl ontelbare wezens handelen in eenstemmigheid, observeer ik de terugkeer.'

 

De Weg geeft ontelbare wezens hun vorm, maar is zelf altijd vormloos. Stil en onbeweeglijk omvat hij volledig het ongedifferentieerde onbekende. Geen uitgestrektheid is groot genoeg om buiten hem te treden, geen nietigheid is klein genoeg om zich binnen hem te bevinden. Hij bezit geen huis, maar baart alle namen van het bestaande en het niet-bestaande.

 

Echte mensen belichamen dit door open leegte, gelijkmatig gemak, heldere reinheid, buigzame inschikkelijkheid, onversneden zuiverheid en volkomen eenvoud, en verstrengelen zich niet in zaken. Hun perfecte deugdzaamheid is de Weg van hemel en aarde, en daarom worden ze echte mensen genoemd.

 

Echte mensen weten hoe groot het zelf is en hoe klein de wereld; ze hebben een hoge achting voor zelfheerschappij en minachten de heerschappij over anderen. Ze laten hun harmonie niet door zaken verstoren, ze laten hun gevoelens niet door verlangens in verwarring brengen. Wanneer de Weg in werking treedt verhullen ze hun naam en trekken ze zich terug en ze verschijnen wanneer dat niet zo is. Ze handelen zonder te forceren, werken zonder te ijveren, en weten zonder te ‘intellectualiseren’.

 

Door de Weg van de hemel te koesteren en het hart van de hemel te omhelzen, ademen ze duister en licht, ademen ze het oude uit en ademen ze het nieuwe in. Ze sluiten zich samen met het duister, en openen zich samen met het licht. Ze rollen op en rollen uit samen met vastberadenheid en buigzaamheid, trekken zich samen en zetten zich uit samen met duister en licht. Ze hebben dezelfde geest als de hemel, hetzelfde lichaam als de Weg.

 

Niets behaagt hen, niets pijnigt hen; niets verrukt hen, niets vertoornt hen. Alle dingen zijn op mysterieuze wijze hetzelfde; er bestaat goed noch kwaad. Zij die lichamelijk gewond zijn door de martelingen van extreem kritieke omstandigheden, merken dat de geest verstikt als het lichaam is uitgeput. Zij die psychologisch zijn gekwetst door de kwellingen van emoties en gedachten merken dat het lichaam aan zichzelf is overgelaten als de geest is uitgeput.

 

Daarom keren echte mensen doelbewust terug naar het wezenlijke, vertrouwend op de steun van de geest, en bereiken zij aldus volledigheid. Daarom slapen ze zonder dromen en ontwaken ze zonder zorgen.

 

“Ik vind het heel mooi Helena. Er spreekt voor mijn gevoel rust uit, berusting, acceptatie van dat wat niet te veranderen is. Alles waar je je tegen verzet, houd je door je verzet in stand”, zei Helena. “Een andere omschrijving van wat de oude oosterse leer aangeeft is, ‘Wanneer een wijs mens hoort van de Weg, zal hij of zij er ijverig naar zoeken. Wanneer een gemiddeld mens ervan hoort, zal hij of zij er af en toe naar zoeken. Wanneer een dwaas mens erover hoort, zal hij of zij er hard om lachen. Als hij of zij er niet hard om lacht, dan is het niet de Weg.’
Helena zei: “De omstandigheden in jouw leven zullen voor een groot deel bepalen tot welke categorie jij hoort en jijzelf zal bepalen wat je ermee doet. Ieder mens dient zichzelf terug te geven aan zichzelf.” “En dit gebeurt door terug te keren naar je eigen natuurlijke staat?”, vroeg ik aan Helena. “Ja”, zei ze, “door terug te keren naar je eigen natuurlijke staat.” “Maar Helena, binnen dit hele concept, binnen de leer van de oude oosterse filosofie, voor zover ik het althans denk te begrijpen, begrijp ik niet wat ik mij nu moet voorstellen bij een wijs mens, een gemiddeld mens of een dwaas.” Helena dacht een tijdje na en zei: “Richard, eigenlijk zou ik dat ook niet weten, want bij een indeling in deze categorieën, zit je meteen in de oordelende en in de veroordelende sfeer.” “Precies, lieve schat”, zei ik. “Richard, je begrijpt inderdaad wat ik bedoel.” “Helena, ik geloof inderdaad dat ik steeds meer begin te begrijpen van wat jij bedoelt en eigenlijk zou ik inmiddels, na de tijd dat ik bij jou ben en heb ervaren wat wij voor elkaar betekenen, ook niet weten hoe het anders zou kunnen zijn.” Helena glimlachte en knikte bevestigend. Opnieuw leverde mij dit een dikke kus op.

“Helena, hoe veranderen de mensen? Hoe krijg je mensen zover dat zij de oude weg loslaten en bereid zijn een nieuwe weg in te slaan? Hoe krijg je mensen zover dat zij zich gaan realiseren dat de dingen niet zo horen te zijn als wij vanzelfsprekend vinden? Hoe breng je dat besef in de wereld? Hoe laat je de mensen zien, voelen, ruiken en horen dat deze weg doodloopt? Dat een verder gaan op deze weg alleen maar meer verdriet, pijn en wanhoop onder de mensen kan brengen. “Ja” zei Helena. “Je hebt gelijk en ik weet daarop geen antwoord. Ik heb er wel een idee over maar of dat aan zal slaan, zou ik niet kunnen zeggen.” “Wat is dan jouw idee hierover, Helena? Om te kunnen veranderen, moet je eerst willen veranderen en als je besluit dat je iets wilt, moet je het doen. Misschien helpt het volgende om je te laten beseffen hoe je dat misschien kan doen. Om te kunnen veranderen, moet je eerst weten wie je nu bent, als je niet weet wie je bent, kun je ook niet veranderen in iemand die je zou willen worden. Hoe bepaal ik nu wie ik ben en wat ik ben? De mens weet precies wat hij wil. Hij weet ook wat hij wil hebben en hij weet zelfs wat hij wil worden. Daar ligt het probleem. Het probleem ligt opgeslagen in de begrippen ‘zijn en hebben’.
De huidige mens, de mens van de maatschappij zoals wij hem nu kennen, de door de cultuur gevormde mens, weet precies wat hij wil hebben. Hij wil of hij moet bijvoorbeeld geld hebben, hij moet macht hebben, men wil zo’n vrouw of zo’n man hebben, hij moet een groot huis hebben en nog liever een nog groter huis dan ieder ander, kortom, binnen de kortste keren noemt hij je exact op wat hij wil en eigenlijk moet hebben. En als hij dan alles heeft, dan denkt hij dat hij misschien, heel misschien ook wel iemand is. Ooit zei iemand tegen mij ‘als ik ooit een mooi groot huis heb aan het water, dan ben ik iemand’. Hebben verplicht je tot denken. Je moet op zijn minst toch wel even nadenken wat je niet allemaal moet hebben. Hebben schept ook verwachtingen.

De mens die slechts gevormd is door de natuur en slechts gericht is op de natuur, heeft niet, heeft niets, maar is. Hij denkt niet, hij is. Hij is en weet dat hij is. Hij is zich bewust van zijn ‘zijn’ en dus in het bezit van het bewust zijn, of wel het ‘Bewustzijn’. Hij denkt niet omdat dat niet nodig is. Hij is en omdat hij bewust is, is hij alles wat er te zijn valt. Hij is compleet en als deel van het totaal is hij het totaal. Hij is wat hij wil zijn omdat hij bewust is van zijn ‘zijn’. Hij is zelfs het universum als hij verkiest dat te zijn met zijn vermogen om bewust te kunnen zijn. Als je het universum kunt zijn dan kun je ook als god zijn, want zijn als god is zijn als het universum.
Hebben vereist tevens verwachtingen. Verwachtingen die meestal niet zullen uitkomen, omdat de cultuurmens alles wil hebben, dit geldt in elk geval voor de meeste mensen. Niet vervulde verwachtingen, of verwachtingen die eigenlijk per definitie nooit vervuld zullen worden, scheppen desillusies en dus lijden, bovendien schept het ook nog eens afkeer en jaloezie naar diegenen die toevallig wel dat lijken te kunnen verkrijgen, waar zij naar verlangen.

De natuurmens ‘is’. ‘Zijn’ houdt echter ook ‘Hebben’ in. ‘Zijn’ sluit ‘hebben’ dus in. Door vrede te zijn, heb ik vrede. Door liefde te zijn, heb ik liefde. Door rust te zijn, heb ik rust. De volgende stap is om vanuit het ‘zijn’ of het ‘willen zijn’ de stap te kunnen maken naar het ‘durven zijn’.
Ons probleem is om ‘te durven te zijn’ of juist ‘niet te durven om te zijn’. ‘Durf dus te zijn’. Wij zijn in onze opvoeding volgestampt en volgepropt met wat wel mag en wat niet mag. Wat wordt er van ons verwacht en wat niet. Wat wordt er van ons geëist en wat niet. Dit is goed en dat is slecht. Wij moeten het lef durven oppakken om niet meer te zijn als een druppel in de oceaan. Wij moeten niet meer alleen kiezen dat te zijn wat mag, zoals lief zijn, aardig zijn, tolerant zijn, behulpzaam zijn, noem maar op of juist dat te zijn, wat niet mag. Druppels moet je niet benoemen met eigenschappen. Wij zijn geen druppels, wij zijn de oceaan. Als ik het één ben, ben ik niet het ander. Als ik groot ben, ben ik niet klein. Door onze verbinding met iedere druppel zijn wij alle druppels en dus de oceaan. Wees de oceaan, Kies ervoor om de oceaan te zijn en je zult het zijn. Overwin de angst en doorzie je eigen grootheid. Want jij bent alles wat er is en alles wat is, is dus gelijk aan jou.
Want, zoals een gevleugelde uitspraak ooit luidde: ‘Als je het bent, dan ben je het ook en als je het niet bent, dan ben je het niet. Als je het echt bent, dan blijf je het ook en als je er niet voor kiest om het te zijn, dan ben je het niet en dan zal je het dus ook nooit worden’.

‘Als je dus op weg wilt gaan om het pad te zoeken en te betreden, moet je ernaar streven het pad te zijn’.
Dat, wat de allergrootste invloed heeft op het leven, dat wat voor iedereen de kracht heeft gelijk aan de kracht van een orkaan, dat wat een direct scheppend vermogen heeft en waarmee je jouw wereld verandert, herschept, tot nieuwe vormen brengt, is het uitspreken van de volgende woorden ‘IK BEN’.
Wat je bent en wie je bent is aan jou.
Richard het is en blijft moeilijk. Ik ben die weg gegaan, ik heb die strijd gestreden en ook nu nog val ik heel gemakkelijk terug. Altijd is het mogelijk om alle kanten op te gaan. Ik kan verder gaan op deze weg of terugvallen in de wetten van de oude wereld. Niets is vanzelfsprekend. Toch zijn er ook nu en overal mensen die voelen dat het leven uit de bocht is gevlogen. Die het gevoel hebben dat het voertuig van hun leven volkomen is vastgelopen en dat er eigenlijk veel, veel te veel, niet klopt.
Er zijn geen onwillige of slechte mensen. Er zijn alleen maar wanhopige mensen. Wij zijn allemaal wanhopig. Wij proberen allemaal uit de wanhoop te ontsnappen, maar we weten niet hoe. We zoeken ons heil in alcohol, tabak, drugs en seks om even tijdelijk het gevoel te hebben dat we los zijn van het web. De wanhoop moet echter eerst zo hoog oplopen dat we er, of kapot aan gaan, of de sprong gaan wagen en ons op een onverwacht moment inschepen om onze eigen reis aan te vangen. Een reis die altijd begint met een wanhopige zoektocht.”
“Helena, je hebt het gehad over illusies, over het scheppen van je eigen wereld die niets anders is dan een illusie en die slechts blijft bestaan zolang je jouw eigen overtuigingen en denkbeelden in stand houdt. Zodra je jouw overtuigingen kunt veranderen, verandert jouw wereld, jouw illusie, dus ook jouw toestand. Ook toestanden moeten dus gebaseerd zijn op illusies, die weer worden gedragen en gesteund door overtuigingen en denkbeelden. Ziekte en gezondheid zijn toestanden. Hoe moet ik dat zien?” “Wauw, Richard, je begint het echt door te krijgen. Ziekte en gezondheid zijn toestanden. Over ziekte en gezondheid kan ik je heel veel vertellen, uiteraard is ook nu weer niets bewijsbaar. Je moet maar voelen wat je ervan vindt, of het je dus aanspreekt. Ik zal je dingen vertellen die je zullen schokken, die de wereld zullen schokken als ze het horen en als ze het gaan beseffen. Ik ga voor de duidelijkheid nog even terug naar een aantal dingen die ik al eerder heb verteld, zodat het totale beeld hierdoor ook duidelijker wordt.
Wij leven in een wereld die niet echt is of anders gezegd, die dus niet werkelijk is. Wij leven in een wereld die wij creëren met onze meningen en overtuigingen. Dat wat wij vinden, dat waarvan wij overtuigd zijn, is dat wat wij zullen ervaren, zullen beleven om vast te stellen, wat onze overtuigingen en onze meningen in het leven ook echt betekenen, wat deze op het leven, op ons leven voor invloed hebben. Dus dat wat je vindt, dat waarvan je overtuigd bent, is dat waarin jouw materiële wereld en jouw belevingswereld verandert. Wij zullen op dat moment onze overtuigingen en meningen letterlijk ‘aan den lijve ervaren’. Zo biedt het leven de mogelijkheid om door het opdoen van ervaringen verder te evolueren. Jij en ik en iedereen scheppen dus met onze overtuigingen en onze meningen onze eigen wereld. Deze wereld is niet echt en is tijdelijk. Zolang als wij onze overtuigingen overeind houden, zal deze wereld blijven bestaan. Veranderen wij onze overtuigingen, dan verandert onze wereld. Hoewel de wereld waarin wij leven en die dus door onze gedachten tot stand komt, niet echt is, heeft hij wel een enorme hoge realiteitsgraad en lijkt verbazend echt. Het is echter een illusie, die naadloos in een andere illusie overgaat als onze meningen en overtuigingen zich aanpassen. Aangezien wij regelmatig, onder invloed van veel omstandigheden en situaties, onze meningen en overtuigingen aanpassen en dit gebeurt heel vaak door de invloed van andere mensen, verandert dus ook regelmatig onze illusoire wereld. Dit is verwarrend en chaotisch. Daarom kun je je het ene moment briljant voelen en het andere moment zwaar depressief. Wij hebben hier echter geen weet van en wij hebben het dus niet in de gaten. Wij denken dat deze toestand hoort bij het leven en dus daarom ook niet anders is. Wij accepteren de chaos en denken dat het normaal is, dat dit nu eenmaal zo bij het leven hoort. Je begrijpt misschien inmiddels dat dat dus helemaal niet zo bij het leven hoort. Het gebeurt zo, het is zo, het vindt zo plaats, omdat het onbewust gebeurt, gestuurd en bepaald door onze continu veranderende meningen en overtuigingen, onder invloed van onze omgeving.
Dit betekent dus dat wij, zonder dat wij het in de gaten hebben, invloed hebben op wat wij beleven, hoe onze wereld gevormd wordt en dat de chaotische dingen, die zich vele malen per dag aandienen, dus helemaal niet zo horen te zijn en dus per definitie niet normaal, gewoon en vanzelfsprekend zijn.
Wat betekent dit? Dit gegeven heeft enorme consequenties en dit gegeven kun je op alle aspecten van het leven projecteren. Ook op gezondheid en ziekte. Ik zal het je proberen te schetsen.

Ooit leefden wij met de kennis dat wij scheppende wezens zijn. Wij creëerden bewust de wereld waarin wij leefden. Wij waren bewust van het feit dat wij mensen zijn en leefden als scheppende goden. Dat was nog het moment dat de mensen het natuurlijke pad bewandelden. Wij gingen de natuurlijke weg, de Tao en er was geen spanning, geen stress, er waren geen uitgetrokken veren en geen opgeblazen banden, zoals ik je eerder heb uitgelegd. Toen is er ooit een moment gekomen, dat wij ons gericht hebben op het hoofd. De concentratie veranderde van het gevoel naar het denken en daar is het misgegaan. Dat was symbolisch de zondeval, zoals beschreven is in de bijbel. We werden daardoor uit het paradijs, het natuurlijk pad, de Tao, geknikkerd en moesten de jungle in. Resultaat hiervan is spanning, chaos, angst, machtsstrijd en ziekte. Machtsstrijd kan zelfs leiden tot dood en verderf. Wij verlieten daardoor het natuurlijke pad, de Tao, het paradijs en trokken steeds dieper de jungle in. De natuur, als harmonisator, wilde ons terug hebben op de oorspronkelijke situatie, op het natuurlijke pad en koppelde een verensysteem aan ons om ons terug te trekken. Resultaat van de werking van deze veren is dat hoe verder je ze uittrekt, hoe harder ze terugtrekken. Ook deze werking heb ik je eerder geprobeerd uit te leggen, Richard. Wat heeft dit nu te maken met gezondheid en ziekte?

De mens die leeft volgens de natuurlijke weg en dus niet onder invloed staat van een verensysteem, dat hem of haar constant probeert terug te trekken, zal geen last hebben van spanningen en dus ook niet van angst en ziekte. Hij leeft in evenwicht met de natuur en met zichzelf en is dus in evenwicht met zichzelf en met zijn omgeving. Hij beleeft eenheid in plaats van afsplitsing. Dit is volgens de schepping, volgens de natuur, volgens het leven de enige weg die er hoort te zijn. Al het andere is tegennatuurlijk en hoort dus niet te zijn, is niet normaal, is niet vanzelfsprekend. Angst en ziekte is niet normaal, niet gewoon, niet vanzelfsprekend. Wij vinden ziek zijn en lijden aan angsten zo normaal en vanzelfsprekend dat het is gaan horen in ons patroon van hoe de dingen, hoe het leven hoort te zijn. Er zijn in ons systeem, in onze maatschappij en cultuur bovendien ook nog artsen en een enorm systeem van hulpverlening om ons te helpen en op te vangen, dus hebben wij besloten dat angsten en ziekten gewoon bij het leven horen. Nee, lieve Richard, het hoort niet bij het leven en hier ligt de giftige angel waarom iedereen, maar dan ook iedereen, ziek is en lijdt aan angsten. Het feit dat wij inmiddels denken en vinden dat het allemaal wel zo hoort, betekent dat deze zaken een deel zijn van wat wij vinden en een deel zijn van onze overtuigingen. Hiermee zijn het belangrijke factoren van hoe wij onze wereld scheppen, want wij scheppen onze wereld immers met dat wat wij vinden, met dat, waarvan wij overtuigd zijn.
Hoe draai je nu al deze ellende terug? Hoe kan ik mijn wereld, die dus niet echt is, die een illusie is, hoe kan ik die veranderen? Als mijn wereld een illusie is, is ook de toestand waarin ik mij bevind een illusie. Jouw en mijn ziekte, Richard, zijn dus illusies, maar ze werken wel in op de stof van mijn lichaam. Ze hebben daarop wel een echte, concrete invloed en kunnen het lichaam dus ook stuk maken. Ondanks dat het gebeurt, hoort het dus niet zo. De hele hulpverlening werkt dus, onbewust en met de beste bedoeling, mee om deze chaos in stand te houden. Het feit dat er een arts is en het feit dat wij vinden dat er een arts hoort te zijn, maakt mij bewust van het feit dat ik dus blijkbaar ziek kan worden. Hierdoor komt dit gegeven binnen in mijn veld van overtuigingen en zal ik dus de toestand van ziekte binnengaan, ik zal het gaan accepteren, ik zal het dus scheppen en dus zal ik ziek gaan worden. Maar het hoort niet zo, het is niet natuurlijk.”
“Wat kun je hier dan aan doen, Helena?” “Begin met je te realiseren dat het feit dat jij je ellendig en beroerd voelt en het feit dat jouw lichaam en geest niet dat doen wat jij eigenlijk zou willen, niet normaal is, niet zo hoort te zijn. Gooi een knuppel in dat hoenderhok door te gaan beseffen en jezelf ervan te gaan overtuigen dat datgene wat er met jou gebeurt een illusie is die fout is, gerelateerd aan het ‘natuurlijke proces’ van het leven en dus niet zo hoort te zijn. Weiger om het nog verder te accepteren. Dit is een begin. Hierdoor wordt het scheppen van dit beeld niet meer gevoed en begint er een ‘ontscheppingsproces’. Houd dit drie dagen vol en je begint je een ander mens te voelen. Houd dit drie weken vol en je merkt veranderingen. Houd dit drie maanden vol en je bent genezen.
Er is echter ook een angel op deze weg, een ontzettende adder onder het gras en dat is de twijfel. Als jij twijfelt, betekent dit dat je nieuwe overtuiging, die gevuld is met twijfel, geen scheppingskracht heeft en dus geen nieuwe situatie, geen nieuwe illusie zal creëren. Je moet erin geloven. Dat is het geloof dat alle godsdiensten aanhalen. Geloof in jezelf. Geloof in jezelf als natuurlijk, als goddelijk en scheppend wezen en je beheerst de natuur, het leven. Twijfel is dodelijk.

Helaas zijn we inmiddels in staat om in alle dingen die slecht voor ons zijn, te kunnen geloven, zonder enige twijfel en als het om dingen gaat die alleen maar goed voor ons zijn dan is er onmiddellijk twijfel. Wij denken dat de slechte dingen zo horen te zijn, bij het leven horen, maar dat is dus niet waar. We worden dus keer op keer onbewust beïnvloed door onze omgeving en hebben daarom onbewust last van onze karaktertrekken, hierdoor worden onze meningen en overtuigingen onbewust gevormd en dansen vaak tussen het één en het ander. Ze veranderen nog al eens. Onze illusoire wereld verandert als gevolg daarvan ook constant. Onze realiteit wijzigt continu, dus voelen wij ons dan weer goed en dan weer slecht en we begrijpen er eigenlijk helemaal niets van. We ervaren daardoor slechts chaos en zijn ongelukkig. Maak van dit proces een bewust proces. Kies een doel voor ogen, kies het meest verheven visioen van jouw leven wat jij je kan voorstellen en richt je daarop. Focus je daarop en probeer dat eens minstens een week vast te houden. Dat zal zeker niet meevallen, maar probeer het. Het gevolg is dat jouw wereld zich zal gaan aanpassen naar dat wat jij bewust verkiest, want dat waar jij je op focust, zal je beleven en ervaren. Dit klinkt ongelooflijk, maar dat is het niet. De kracht van de geest is het enige wat telt. Als je twijfelt, zal het scheppingsproces van jouw wereld dus stoppen. Niet twijfelen, maar doen. Richard ik nodig je uit, doe deze test. Trek er drie maanden voor uit. Baat het je niet, het zal je ook niet schaden. Probeer het. Realiseer je dat jouw en ieders enige recht is, het recht op geluk en het recht op gezondheid en wijs dus al het andere af, omdat ze niet zo horen te zijn, ondanks wat deze wereld er inmiddels van probeert te maken en je wijs probeert te maken.”
“Dus ik moet mij met mijn geest richten op mijn gezondheid en mij bewust worden van het feit dat ik van nature, dus in mijn natuurlijke toestand, uitsluitend gezond kan zijn en dat mijn ongezondheid een onnatuurlijke toestand is. Als ik ze al zou gebruiken, moet ik dan stoppen met medicijnen?” vroeg ik. “Nee natuurlijk niet”, reageerde Helena heftig. “Hoe kun je dat nou zeggen, zolang de mensen niet weten waar ze toe in staat zijn en zolang ze niet hebben kunnen toepassen waartoe ze in staat zijn, is dat natuurlijk geen optie. Wij realiseren ons niet waartoe we in staat zijn en zolang hebben we de hele geneeskunde nodig. Bovendien is het een proces dat overtuiging en beoefening vereist. Ook voor mij is het nog niet mogelijk om daarmee mijn eigen toestand volledig onder controle te hebben. Toen ik op de boot hoofdpijn kreeg, had ook ik een pilletje nodig om de hoofdpijn weer op te lossen. Toch verbetert mijn gezondheid merkbaar, maar ik ben er nog lang niet en het is een hele lange weg om de kracht te kunnen opbrengen om zo ver te komen dat je zelf invloed kunt uitoefenen op je eigen gezondheid. Het probleem is dus voor een groot deel dat zolang de geneeskunde bestaat en de hulpverlening bestaat, wij ervan uitgaan dat ziek zijn een normale zaak is en wij geholpen zullen worden door de artsen en alle andere hulpverleners. Aan de andere kant hebben wij allemaal op dit moment ook die hele hulpverlening nog heel hard nodig. De werking van binnen, de werking in ons, de reactie in ons op het feit dat wij niet in evenwicht zijn met de natuur, bepaalt dat wij constant onder spanning staan en in angst leven, sommige mensen bewust en anderen onbewust, maar het geldt voor iedereen. Dit proces verlaagt continu de trilling van onze energie waardoor onze weerstand alsmaar lager wordt en wij vatbaar worden voor alles waar wij maar vatbaar voor kunnen worden. De ellende zit van binnen en de genezing moet dus ook van binnenuit komen en niet van buiten. Niet van een pilletje, niet van een drankje of een zalfje of van een mes in de operatiekamer. Deze technieken lappen ons alleen maar op, maar genezen ons niet. We zijn blij dat we deze kennis hebben, maar we weten niet dat we zelf de kracht bezitten om onze eigen frequentie te verhogen, de frequentie van onze eigen energie kunnen wij verhogen en als we dat doen, zullen we niet meer gevoelig worden voor bacteriën en virussen. Ons probleem is dat wij met alles gericht zijn op de stroom van buiten naar binnen en niet van binnen naar buiten. Wij moeten beseffen dat het probleem van binnen zit en niet van buiten komt. We moeten ons gaan realiseren dat niets is wat het lijkt te zijn. Door het feit dat je beseft dat alle mensen, gedreven en gedwongen door de situatie waarin ze zitten, zichzelf plaatsen in de ‘jij wereld’, is het al helemaal onmogelijk om de mensen te bereiken. Iedereen vindt namelijk dat alles wat ze beleven, alles wat ze ervaren, hen ‘overkomt’. Zij hebben de pech dat het hun ‘toevalt’. Het is dus puur toeval, maar wel vreselijk ellendig. Ze hadden allerlei verwachtingen van het leven, maar die blijken maar niet vervuld te willen worden. Dit wordt ervaren als pech hebben, als pure triestheid. Bovendien is men gauw geneigd om anderen de schuld van hun ellende te geven Het is dus allemaal jouw en mijn schuld is. In elk geval is het niet hun schuld. Ze begrijpen jou niet en ze begrijpen mij niet, maar eigenlijk begrijpen ze helemaal niemand. Dus concluderen ze dat alle anderen niet deugen. Ze besluiten al snel dat alle anderen eigenlijk grote sufferds zijn. Wat nog veel erger is, veel angstiger, veel bedreigender, is het gevoel dat men heeft dat alle anderen hen ook niet begrijpen. Er is niemand die snapt wat ze voelen, wat ze doormaken. Dat is eng. Zou het aan henzelf liggen? Nee, dat kan toch niet waar zijn. Het ligt niet aan hen. Zie je wel, alle anderen zijn allemaal enorm onbetrouwbaar. De hele buitenwereld deugt eigenlijk niet. Iedereen is onbetrouwbaar. En het ergste is, dat het nou eenmaal niet anders is, zo is de wereld nou eenmaal. Het hoort zo. De stap van de ‘jij wereld’ naar de ‘ik wereld’ zullen ze niet snel nemen. Zelf de verantwoordelijkheid nemen voor wat er in en met mijn eigen leven gebeurt, daar beginnen we niet aan. Wat mijn rol is in mijn eigen ellende is iets waar we absoluut niet bij stil willen staan. Het ligt niet aan mij maar aan jou. Laat dat vooral een duidelijke zaak zijn. Zo strijden man tegen vrouw, man tegen man, vrouw tegen vrouw, moeder tegen kind, vader tegen kind, collega tegen collega, sportclub tegen sportclub, land tegen land en religie tegen religie. Zo is er altijd en overal ruzie, strijd en oorlog, want hoe je het ook draait, het is jouw schuld.
Richard, hoe krijg ik deze mensen zover dat ze voorzichtig eens naar binnen gaan kijken. Dat ze gaan beseffen dat zij een rol spelen in iedere situatie waarin ze betrokken zijn. Hoe krijg ik deze mensen zover dat ze gaan inzien dat het een gekkenwereld is waar de één naar de ander en de ander naar de één wijst? Hoe krijg ik deze mensen zover dat ze gaan inzien dat de door ons allen ingeslagen weg, die wij al duizenden en duizenden eeuwen bewandelen niet werkt, nu niet werkt, toen niet werkte en morgen niet zal werken Hoe krijg ik deze mensen zover dat ze ooit bereid zullen zijn om hun hoofd te legen, hun meningen uit te braken en het daar te laten liggen. Hoe krijg ik deze mensen zover dat ze al, maar dan ook werkelijk al hun ‘niet werkende bagage’ afwerpen? Hoe krijg ik de mensen zover dat ze gaan beseffen dat hun hele leven gebouwd is op pijlers van angst, angst die te elimineren is. Het enige middel dat hier zou kunnen werken is de mensen zover te krijgen dat ze gaan inzien dat het allemaal niet zo hoort, dat het niet allemaal vanzelfsprekend is, dat ziekte, verdriet, wanhoop, pijn, angst en ellende nou eenmaal niet als vanzelfsprekend bij het leven horen maar allemaal worden gecreëerd door het feit dat wij bol staan van onze meningen en overtuigingen en dat deze dingen onze eigen wereld scheppen. Een wereld die een illusie is en alleen maar echt lijkt, maar niet echt is. Een wereld waar uiteindelijk niets is wat het lijkt te zijn. De door onszelf gecreëerde illusie schept verwachtingen. Verwachtingen die nooit vervuld zullen worden omdat ze niet vervuld kunnen worden. Deze niet beantwoorde verwachtingen scheppen weer teleurstellingen en de cirkel is opnieuw rond.

We moeten ons realiseren dat de veren in onze hele wereldwijde cultuur tot het uiterste zijn uitgetrokken. Dagelijks gebeuren er dingen, die absoluut in strijd zijn met de wetten van de natuur en waarvan wij op de hoogte zijn. Dagelijks wordt de enige geldende levenswet, ‘wat jij niet wil dat jou wordt aangedaan, doe dat ook nooit bij een ander’ door iedereen met voeten getreden. Dat heeft consequenties. Wij hebben een eigen wil. Van de natuur moet niets. Zo is de natuur. Als het niet zo was, hadden wij anders in elkaar gezeten, waren wij anders gebakken. Niets moet, maar alles wat je doet, heeft consequenties. Die consequenties ervaar je. Uit je ervaringen kun je leren. We hoeven alleen maar om ons heen te kijken om vast te stellen dat zoals wij leven, de consequenties die wij over ons afroepen door de manier waarop wij leven, nu niet werkt en morgen niet zal werken en al eeuwen- en eeuwenlang niet werkt. Wat je om je heen ziet is pijn, ellende, verdriet, ziekte en angst.”

 

'Het hoort niet zo. Het is niet allemaal zo vanzelfsprekend als wij vinden en denken dat het is.’

 

“Juist,” zei ik. “Hier stoppen we, lieve schat, dit is voor mij een nieuwe waterval van informatie. Ik snap opnieuw wat je bedoelt, ik heb aantekeningen kunnen maken, maar dit is voorlopig weer even genoeg, anders raak ik opnieuw het spoor bijster.” Helena moest glimlachen om mijn reactie. “Heb je het begrepen, Richard?” “Ja, tenminste ik denk dat ik het wel heb begrepen. Ik ga het eerst laten bezinken en dan komen mijn vragen vanzelf wel. Lieve schat, opnieuw realiseer ik mij in wat voor een fantastische situatie ik met jou verzeild ben geraakt. Ik moet je eerlijk zeggen dat ik iedere seconde hier met jou geniet. Ik moet je opnieuw eerlijk zeggen dat ik verliefd op je ben geraakt, verliefd tot over mijn oren. Wat ik daar straks mee moet, zie ik straks wel. Aan de andere kant besef ik dat ik met jou dingen ervaar, dat jij mij dingen vertelt, die eigenlijk de wereld op zijn kop zetten. Als je beseft dat wij terecht zijn gekomen op een levenspad dat ons uitsluitend de verkeerde kant opstuurt en waarbij, zolang wij dit pad blijven volgen, de ellende, de angst, de wanhoop en de ziektes alleen maar erger worden, word ik eigenlijk intens verdrietig en dit gevoel drukt mijn vreugde hier met jou, zo nu en dan behoorlijk in elkaar. Maar ik zeg je, lieve Helena, ik ga ervoor, ik voel dat je gelijk hebt en ik wil er nog steeds alles en alles over weten. Ik wil deze unieke periode uitbuiten tot het einde toe.” Dank je, Richard”, zei Helena. Ze legde haar hoofd op mijn schoot, terwijl ze ging liggen op de kussens op de grote bank op de veranda van het huisje van de vader van Helena, daar in de onmetelijke wouden en de ongerepte natuur van het hoge noorden van Finland.